Procederen voor spreeuw & co

23 oktober 2016
 
Vogelbescherming Vlaanderen is verbolgen over de recente wijzigingen aan het Soortenbesluit die minister Joke Schauvliege doorvoerde en leidt daarom een procedure in bij de Raad van State. De vereniging vraagt de vernietiging van een belangrijk deel van het besluit, met name de bijlage die alles regelt inzake het bestrijden van soorten. “De minister wijzigt een reeds bestaande, problematische regeling die niet strookt met de Europese Vogelrichtlijn en maakt het zelfs nog bonter. Principieel beschermde vogels doden op grote schaal zonder wetenschappelijke onderbouwing van dat beleid, is ongehoord”, aldus Jan Rodts van Vogelbescherming Vlaanderen. “Bovendien bestaat er vandaag geen effectieve controle in het veld”.
 
 
Vogelbescherming Vlaanderen bekwam bij de RvS onlangs nog een verbod op uitzetten van fazanten
 
 
Het zogenaamde Soortenbesluit van 15 mei 2009 regelt de bescherming en het beheer van de (wilde) fauna en flora. In functie van het voorkomen van belangrijke schade aan professioneel geteelde gewassen, fruitteelt en fauna en flora kan er via Bijlage III van het besluit momenteel vrij ruim en zonder al te veel moeite afgeweken worden van het algemene beschermingsbeginsel. Het gaat dan om de volgende soorten: kraai, kauw, ekster, gaai, spreeuw en – nieuw aan het lijstje toegevoegd – de brandgans. Deze soorten kunnen mits een gewone melding bij het Agentschap voor Natuur en Bos met het geweer, met vangtuigen of met roofvogels gedood worden. Op het meldingsformulier schrijft men welke schade men wil voorkomen, welke omvang ze heeft en welke andere maatregelen men al heeft genomen om schade te voorkomen. Zonder tegenbericht kan men na 24 uur starten met de bestrijdingsactiviteiten. Men gaat dus in principe uit van een stilzwijgende goedkeuring. Verificatie en controle in het veld gebeuren niet of nauwelijks. Nochtans moet elke afwijking van de beschermingsbepalingen volgens de Europese Vogelrichtlijn grondig gemotiveerd en aan de voorwaarden getoetst worden. De minister schrapte ook de mogelijkheid van het lokale bestuur om in te grijpen en de bestrijdingsactiviteiten te verbieden.
 
 
Eksters zijn altijd al kop van jut geweest — © Hugo Willocx
 
 
De vraag naar de omvang van de vermeende landbouwschade die door deze bestrijdbare vogelsoorten in Vlaanderen wordt veroorzaakt, is nog nooit op een wetenschappelijke manier gesteld, laat staan beantwoord. Hetzelfde geldt voor de zogezegde schade aan de ‘fauna’. Uit internationaal onderzoek naar de impact van kraaiachtigen op hun prooisoorten blijkt immers dat deze heel beperkt is. Op deze grond een algemene bestrijding toelaten, is volgens Vogelbescherming Vlaanderen in ieder geval zeer twijfelachtig. Ook de spreeuw, waarvan de Europese populatie sinds de jaren ’80 nagenoeg gehalveerd is, kan momenteel zonder veel problemen in het kader van schadepreventie in de fruitteelt massaal bestreden worden. Het voorliggende wijzigingsbesluit zou de ideale gelegenheid geweest zijn om de verschillende vormen van schade beter in kaart te brengen en van koers te veranderen. Dit was ook de prangende vraag die Vogelbescherming Vlaanderen stelde in de aanloop naar dit nieuwe besluit. Toch koos de minister ervoor om haar beleid rond het verdelgen van kraaiachtigen en andere soorten niet te wijzigen. Integendeel, ze deed er nog een schepje bovenop.
 
 
Op Europees niveau is de spreeuw in de periode 1980-2011 met 52% afgenomen — © Shutterstock
 
 
Voortaan kunnen jagers en andere vogelbestrijders hun trechterkooien en Larsenkooien – deze laatste zijn kleine, verplaatsbare kooien met verschillende compartimenten en een lokvogel in het midden – nu ook inzetten voor meerdere soorten. Zo kunnen trechtervallen niet enkel meer gebruikt worden voor eksters en kraaien, maar tegenwoordig ook voor gaaien en kauwen. De kleinere Larsenkooien, voorheen exclusief te gebruiken bij de bestrijding van eksters, mogen nu ook ingezet worden voor het vangen en doden van kraaien, gaaien en kauwen. Dit is een bijkomend probleem op vlak van dierenwelzijn, gelet op de grootte van deze soorten. Tegelijk bestond al het probleem van het gebrek aan selectiviteit van de trechtervallen: roofvogels zoals buizerd, en soms ook havik, zijn vaak ongelukkige ‘bijvangsten’ van dergelijke vangtuigen. Nieuwsgierige egels en marters lopen dan weer het risico om terecht te komen in een van de vangcompartimenten van een Larsenkooi. Met haar verzoekschrift hoopt Vogelbescherming Vlaanderen dat de Raad van State deze al te soepele en nonchalante, generieke bestrijdingsregeling snel naar de prullenmand verwijst.
 
 
Een Larsenkooi (rond model) met daarin een lokvogel en twee gevangen eksters — © Boards.ie
Go to top