Spreeuwenvanger in beroep veroordeeld

10 januari 2017

Op 23 december 2016 velde het Gentse Hof van Beroep een arrest in de zaak van een doorgewinterde spreeuwenvanger uit Maldegem (Oost-Vlaanderen). De 51-jarige man en zijn echtgenote werden reeds op 12 april 2016 in eerste aanleg veroordeeld wegens het op grote schaal vangen, doden en verhandelen van spreeuwen, maar tekenden op 6 mei 2016 hoger beroep aan tegen het vonnis. Vogelbescherming Vlaanderen eiste als burgerlijke partij een strenge straf. De spreeuw geniet in Vlaanderen immers bescherming via het zogenaamde ‘Soortenbesluit’ van 15 mei 2009. De spreeuw als soort is onder Bijlage 1 terug te vinden in Categorie 2 van het Soortenbesluit. Dit impliceert dat het verboden is om deze vogels in gevangenschap te houden of te verhandelen, hen opzettelijk te doden, opzettelijk te vangen en opzettelijk en betekenisvol te verstoren, in het bijzonder tijdens de perioden van de voortplanting, de afhankelijkheid van de jongen, de overwintering en tijdens de trek. Bovendien doet de spreeuw het in heel Europa bijzonder slecht. De Europese populatie is sinds de jaren '80 van vorige eeuw met bijna vijftig procent afgenomen ...



Lokspreeuw met een gareeltje om te gebruiken op de vangplaats — © Vogelbescherming
 

De Natuurinspectie van het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) begaf zich eind november 2014 – samen met de lokale politie – naar de woonplaats van de verdachten. De politierechter leverde hiervoor een machtiging tot huiszoeking af. Ter gelegenheid van die controle stootten de natuurinspecteurs langsheen de toegangsweg op een zogenaamde ‘loper’ (soort fuik gebruikt op een spreeuwenvangplaats om lokspreeuwen in te plaatsen), lokaas om spreeuwen te vangen (overrijpe appelen), een mes en handschoenen met opgedroogd bloed en vier grijze plastiek zakken met restanten van ca. 860 spreeuwen. Vervolgens gingen de natuurinspecteurs over tot een huiszoeking met machtiging. In de berging van de woning troffen ze 12 zakken met diepgevroren spreeuwen aan, klaar voor consumptie. In het tuinhuis vond men dan weer een volledige slagnetinstallatie voor het vangen van spreeuwen. Achter het tuinhuis stond een kruiwagen waarin resten lagen van spreeuwen, een kleine volière met water, brood en sporen van vogeluitwerpselen en een soort composthoop die hoofdzakelijk bestond uit resten van spreeuwen (vleugels, koppen, poten en pluimen).
 
 

De spreeuwen worden gekuist om verkocht te worden voor consumptie — © Vogelbescherming
 
 
20.000 spreeuwen doodgeknepen
De man was bijzonder actief in het vangen van spreeuwen met behulp van een dubbel slagnet en spreeuwenfuiken met trechtervormige constructies in het dak. Hij opereerde in Maldegem zelf, maar trok ook geregeld naar West-Vlaanderen om in Leffinge, Wilskerke en Middelkerke zijn slag te slaan. In de periode van 21 juli 2011 tot en met 17 november 2011 ving hij in de provincie West-Vlaanderen maar liefst 10.941 spreeuwen. Een gelijkaardig aantal spreeuwen werd ook in Maldegem zelf gevangen. Bij nader onderzoek bleek het in totaal om minstens 20.704 spreeuwen te gaan die werden gevangen, opzettelijk gedood en verhandeld. Tijdens de huiszoeking had de Natuurinspectie immers een agenda van het jaar 2011 aangetroffen en een schriftje met relevante informatie inzake spreeuwenvangst. Daarin noteerde de hoofdbeklaagde zeer gedetailleerd wat hij allemaal uitspookte. Op dagen met veel trek ving hij wel negenhonderd spreeuwen in enkele uren tijd.
 
De rechtbank nam de feiten bijzonder ernstig en beschouwde ze als een vorm van georganiseerde criminaliteit. De hoofdbeklaagde kreeg reeds in 2003 een opschorting van de uitspraak van veroordeling wegens het vangen van spreeuwen en dierenmishandeling. Hij heeft daar duidelijk geen lessen uit getrokken en is volgens de rechtbank dan ook hardleers. De spreeuwenvanger handelde semiprofessioneel en heeft uit winstbejag langdurig en op grote schaal de Vlaamse natuurbeschermingswetgeving overtreden. De beklaagde heeft volgens de rechtbank uitsluitend oog gehad voor zijn eigen financieel belang en stelde dat persoonlijk belang boven het belang dat de gemeenschap heeft bij de vrijwaring van de natuur en de biodiversiteit. Het zich toe-eigenen van dit gemeenschappelijk natuurpatrimonium, al dan niet uit geldgewin, is bijzonder laakbaar. Het vormt ook de basis voor een illegale handel met gemakkelijk geldgewin.
 
 

Een hoop vers gedode spreeuwen en pakketjes diepgevroren spreeuwen — © Vogelbescherming
 
 
Gepaste veroordeling
Het Hof van Beroep bevestigde het vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg grotendeels en veroordeelde de hoofdbeklaagde tot een gevangenisstraf van 6 maanden (met uitstel) en een effectieve geldboete van 9000 euro. Het Hof verklaarde tevens een bedrag van 5176 euro verbeurd (vermogensvoordeel) evenals de bestelwagen Peugeot Expert omdat het voertuig werd gebruikt bij het plegen van de strafbare feiten. Aan de burgerlijke partij Vogelbescherming Vlaanderen dient de veroordeelde 5250 euro schadevergoeding te betalen, vermeerderd met de intrest, en een rechtsplegingsvergoeding van 2070 euro. Het Hof sprak de echtgenote van de beklaagde vrij omdat niet kon worden aangetoond dat ze effectief meehielp bij het vangen van spreeuwen.
 
Vogelbescherming Vlaanderen spreekt van een gunstig arrest. Zowel de Rechtbank van Eerste Aanleg als het Hof van Beroep geeft hiermee een krachtig signaal inzake de belangrijkheid van de ecologische schade die werd aangericht. Ook de belangrijkheid van de bescherming van de spreeuw en de rol die Vogelbescherming Vlaanderen daarin speelt, worden naar waarde geschat.
 
 

Spreeuwen, klaar om in de keuken bereid te worden — © Vogelbescherming

 

Go to top